#2 Wanneer ben jij jezelf?

Road to self love #2: Wanneer ben jij jezelf?


Jezelf zijn, be you! Je hoort het vaak. Kun jij altijd en bij iedereen helemaal jezelf zijn? Of heb je toch soms nog wel eens een masker op? Gisteren had ik weer een afspraak bij de psychotherapeut. Het was een vrij emotionele sessie, maar ik leerde mezelf wel weer een klein beetje beter kennen.

“Hoe gaat het?”, is de eerste vraag die ze stelt. Ik antwoord dat het wel wat beter gaat, omdat het zonnetje zo lekker heeft geschenen. Dus dat ik mede daardoor meer energie heb. Maar verder durf ik eigenlijk geen label te plakken op hoe het gaat. Ik vertelde haar dat ik in de afgelopen twee weken twee keer in een situatie terecht ben gekomen van extreme drukte. Eén keer in de stad en één keer op het station. Mensen lijken bij extreme drukte alleen maar op mij af en tegen mij aan te lopen. Dat zorgde voor irritatie en vervolgens voor een paniekerig gevoel dat de hele dag blijft hangen. Ik ben mezelf zo bewust nu van deze reactie, dat dat behoorlijk confronterend is. Wat voor label plak je op zo’n situatie? You tell me.

Anyway. Eén van de opdrachten was om vijf positieve eigenschappen van mij over mezelf op te schrijven. Daarna moest ik aan een aantal mensen uit mijn omgeving vragen datzelfde voor mij te doen. Gisteren vroeg ze mij om te kijken naar de overeenkomsten tussen die opgeschreven eigenschappen. De grootste overeenkomst was grappig. “En ben je ook grappig?”, vroeg ze. Ik blokkeerde. Alsof ze me vroeg om al koorddansend te balanceren op een skippybal met een porseleinen vaas op mijn hoofd terwijl ik pannenkoeken bak. Ik kon die vraag niet beantwoorden, omdat ik simpelweg niet over mezelf durf te zeggen dat ik grappig ben. Of een van de andere positieve, lieve woorden die mijn omgeving over mij heeft opgeschreven.

Ik kan ze niet over mezelf zeggen. En dat niet kunnen is niet een kwestie van niet willen. Het gáát gewoon echt niet. Je hebt vast wel eens iets tegen iemand willen zeggen maar dat niet gedurfd. Zo’n gevoel dat je telkens denkt ‘oke, nu ga ik het zeggen’, en dat de woorden vervolgens niet over je lippen rollen. Precies dat gebeurt er bij mij. Kun je het je voorstellen?

Ze vroeg mij of ik kan lachen met mijn vrienden en vriendinnen. Of ik om hen moet lachen en zij om mij. Zeker. “Dus kan je bij hen helemaal jezelf zijn?” 😶 Die vraag heb ik mezelf eigenlijk nog nooit gesteld. Toen ik er over na ging denken kwam ik tot de conclusie dat ik eigenlijk maar bij heel weinig mensen echt mijn oprechte ik ben. Zonder filter. Ik denk zelfs maar bij twee mensen. In beide gevallen is dat thuis. Thuis in Den Bosch en thuis bij mama. Alleen daar heb ik echt geen filter. Alleen daar kan ik denk ik echt mijzelf zijn.

Hoe weet je eigenlijk wanneer je echt jezelf bent? Is dat een gevoel? Gebeurt er dan iets in je lijf? Ik weet het niet. Ik denk dat ik in gezelschap van anderen – ook al zijn het mijn beste vriendinnen – toch altijd een (dun) masker op heb. Maar misschien heeft iedereen dat wel. Misschien kan iedereen alleen zijn pure zelf zijn wanneer diegene alleen is. Helemaal alleen. Wanneer je geen rol hoeft te spelen, je niemand voor de gek hoeft te houden. Misschien is iedereen wel alleen maar zichzelf in de eerste paar seconden wanneer je je ogen opent in de ochtend. Vlak voor dat je je realiseert dat je wakker bent. En misschien zijn er ook wel gewoon mensen die wel echt zichzelf zijn. Het kan allemaal.

Ik werd in deze sessie echt aan het denken gezet. Dat is niet per se leuk – want confronterend – maar wel heel leerzaam. Stapje voor stapje leer ik mezelf beter kennen en leer ik waar de fouten (om ze maar even zo te noemen) liggen. Ik leer door te praten en door volledig open te zijn met mijn psychotherapeut waarom ik iets doe of waar iets vandaan komt. Het lijkt heel simpel en misschien zelfs cliché, maar zoveel dingen zijn terug te leiden naar mijn middelbare school. Door die gebeurtenis zijn bepaalde dingen zoals ze nu zijn. Reageer ik op bepaalde manieren op situaties, handel ik op de manier waarop ik handel. Een lichte vorm van PTSS, ofwel post traumatische stressstoornis, zegt mijn psychotherapeut.

Posttraumatische stressstoornis. Dat klinkt heftig he? Nou, gelukkig zijn er een hele hoop kenmerken die bij PTSS horen die niet op mij van toepassing zijn. Het zijn er maar en paar. PTSS is onder andere te behandelen met EMDR. Die vorm van therapie ga ik ook tegemoet, daar krijg ik bij mijn volgende afspraak meer over te horen.

Geef een reactie